Page 178 - Waskemeer 1953-1954
P. 178
5b
NOG_MAAR_EEN^
In Waskemeer dit mooie dorp,
Mijn.woonplaatswas het voorheen,
Gaat langzaam aan de fut er uit,
Ga T.aar na wat daar verdween,
1k Ben het voor mij zelf eens na gegaan
Wat daar verdwenen is,
En voor een dorp als Waskemeer,
Is dit wel een groot gemis,
De zuivelfabriek 't was H.O.Z.
Ging dicht, het kon niet meer,
De letters werden omgdraaid,
Z.O.H. en toen ging het weer,
Ook de kapper van dit mooie dorp,
Werd ouder en bejaard,
En van 't knippen van ons lange haar,
had hij wat bijeen vergaard,
Dus hield hij op, on iedereen,
Die verzorgd op pad wou gaan,
Die moest, of hij wllde or m e t ,
Weer een ander zoeken gaan,
Ook met de slagers ging het mis,
Tw'ee voorzagen ons van vlees
ook deze winkels gingen dicht
En een bang vermoeden rees,
Wie is er nu aan de beurt?
Het antwoord kwam al gauw,
De schilders hielden het voor gezien,
Het dorp v/as weer in de rouw,
De oude smid stond bij het vuur,
En door zijn tranen heen,
Snlkte hij het uit, Ik hou ook op,
•Ik voel me zo alleen,
f , Dus ook de smid stopte met werk,
..•'••• Geen paarden meer beslaan,
Zo ging de ?en na de ander heen,
Ze hadden geen bestaan,
Zo was het met de bakkers ook,
Want een grote bakkerschaar
Bevolkte ook dit mooi-? dorp,
' t Werd soms vechten met elkaar,
Men telde in de beide dorpen,
In Haulerwijk en Waskemeer,
Een twaalftal bakkerijen samen,
In waskemeer is er geen ene meer,
De vorige week deed de laatste bakker,
Do winkel dicht de ovens uit,
In beide dorpen nu nog 64n bakker,
Hoe lang houdt deze het nog uit?
Ik, wens U, vriend, nog vele jaren,
Gezondheid en veel vreugde toe,
Blijf opgewekt Uw werk verrlchten.
Waar moeten we anders nog naar toe?
Germ Rooijinga Sint Baronstraat 10 Waskemeer

